Welk dier ben jij?

 

1. Wat doe je in je vrije tijd?

a. Wandelen

b. Spelen

c. Zwemmen

d. Lezen

 

2. Wat vind je leuk om te doen?

a. Bijten! Grrrrrr....

b. Rennen en spelen! Joehoe!

c. Eh... zwemmen?

d. Puzzelen 

 

3. Wat voor geluid maak je?

a. Waf! Waf!

b. Miauw! Miauw!

c. Splet! Ahahahaha 

d. Oeh! Oeh?

 

4. Wat is jouw gave?

a. Psst, ik heb scherpe tanden... ben een vampier!

b. Ik heb goede ogen en goede oren

c. Ik kan goed zwemmen 

d. Ik ben heel erg slim

 

5. Hoe oud kun je worden?

a. Ik? Daar maak ik me niet druk om. 

B. Ongeveer 10 tot 20 jaar.

c. Eh, zolang ik zo gezond blijf, komt het wel goed! Beweguuuuuh.

d. Tot de honderd wel. 

 

 

 

Uitslag

 

meeste a:

je hebt puntige oren, goede ogen, je bent speels...

een kat!

 

meeste b:

je moet altijd uitgelaten worden, eet veel, kwijlt....

een hond!

 

Meeste c:

je kunt goed springen zwemmen, bent best slim....

een dolfijn!

 

meeste d:

je bent heel erg slim, hebt veel haren....

een mensaap!